|
|
Kleine
observaties
Deze
rubriek wordt regelmatig aangevuld, dus hou hem goed in
de gaten !
|
 |
Onderdeurtje
Waar zijn ze gebleven, die voordeuren die je in tweeën kon splitsen?
De bovendeur met de koperen klopper erop, en het aparte onderdeurtje,
dat je gerust dicht kon laten als de kwebbelzieke buurvrouw wat kwam vragen.
Onderdeurtje. De term gebruiken we nog. Maar weten we eigenlijk nog wel wat het is?
Schaapachtig
Het
geschoren schaap aan de overkant staat gebiologeerd naar mij te
kijken. Hij houdt zelfs even zijn malende kaken stil. Ik kijk
terug. Zo staan het schaap en ik elkaar nogal schaapachtig aan
te kijken.
Zeeprol
Je
ziet hem nergens meer, maar ik herinner mij hem nog goed. Zo'n
grote gele klomp zeep, met van die barsten erin. Opgehangen aan
een metalen staaf die schuin naar beneden wees, boven de wastafel,
als een goudgele tiet waar je lekker aan mocht komen.
Oogarts
Een
mooi vak, oogarts. Je kijkt dagelijks tientallen mensen diep in
hun kijkertjes. Je mag veel langer kijken dan de beleefdheidsnormen
toelaten. Je ziet dus ook veel meer dan de gemiddelde Nederlander
en mag er zelfs nog een speciaal lampje bij gebruiken. Eerst links
doorgronden, dan rechts. En dan ook nog eens allebei tegelijk.
Je meet de patient daarna snel een brilletje aan, of contactlenzen
en schudt hem blij de hand. Je hebt hem zo diep in de ogen gekeken,
daar kun je weer jaren mee vooruit.
Temperatuur
In
de herfst wordt het kouder, terwijl de kleuren van de bomen juist
warmer worden.
Lui
Autorijden
op bochtige wegen is leuk, omdat je het idee hebt dat je ontzettend
druk bezig bent, terwijl je gewoon lui op je gat zit.
Hoedenplank
Vorige
week zag ik een auto staan in de parkeergarage in Assen. Da's
op zich natuurlijk niets bijzonders, maar deze auto, die met zijn
neus tegen de muur, en zijn kont prominent naar het gangpad gekeerd
stond, trok mijn aandacht. De eigenaar had van de achterruit namelijk
een kleine etalage gemaakt. In vrolijke kleuren toonde hij hoofddeksels
aan de voorbijgangers, kunstig gerangschikt en als geheel een
genoegen voor het oog. Een strooien hoed, een baseball cap, een
ijsmuts en een zonnebril. Deze automobilist had de term 'hoedenplank'
maar eens letterlijk genomen. Een hoedenplank voor alle seizoenen.
Achteruitkijken
Als
ik 's morgens met mijn auto naar mijn werk rijd, staat de achteruitkijkspiegel
precies in de goede stand. Rij ik echter 's middags weer naar
huis, dan zie ik alleen de bovenste helft van de achterruit. Ik
zou hem dan eigenlijk naar beneden moeten bijstellen, maar als
ik dat doe staat ie de volgende ochtend weer verkeerd, dus daar
begin ik niet aan.
Dit verschijnsel kan twee redenen hebben: òf ik ben 's
morgens gewoon groter dan 's avonds, òf ik zit 's morgens
lekker fit achter het stuur en na een dag werken hang ik maar
zo'n beetje op mijn stoel. Aan de spiegel zal het in elk geval
niet liggen.
Uit
fase
De
sneeuw komt bijna recht op de voorruit af en laat je door een
steeds smaller wordende tunnel rijden. De ruitenwissers zwiepen
ritmisch heen en weer. Op de radio klinkt 'Hold the Line', van
Toto. 'Love isn't always in time'. Dat laatste geldt ook voor
mijn ruitenwissers. Die hebben een iets trager tempo dan de beat
van Toto, waardoor ze na een paar maten uit fase beginnen te lopen.
Maar even later swingen ze juist weer funky off beat, om even
later opnieuw uit fase te raken. Sneller rijden helpt niet. Langzamer
rijden evenmin, merk ik. De claxons van het ongeduldige achteropkomende
verkeer maken het er ook al niet beter op. De kakafonie bereikt
nu zijn hoogtepunt. Ik zet de ruitenwissers als laatste wanhoopsdaad
op dubbele snelheid, maar ook dat helpt niet, behalve dat de zanger
van Toto nu opeens als een soort 'Doppler-effect' een halve toon
lager lijkt te zijn gaan zingen. Hield het nu maar op met sneeuwen,
dan konden die ruitenwissers gewoon uit. Maar de sneeuw wordt
dikker en dikker, en buiten wordt het kouder en kouder. Hold the
line. Ja, als dat kon, Toto...
Helm
Op
de werkplaats staan een paar mannen in overalls. Ze hebben knalrode
bouwhelmen op. Een van hen heeft zijn gehoorbeschermers op zijn
helm gezet: Mickey Mouse.
Étoiles
filantes
Als
je op 11.000 meter op een zonnige dag boven Frankrijk vliegt en
je kijkt naar beneden, dan zie je de vlekjes water in het land
door de weerspiegeling van de zon oplichten als duizend sterren
aan de hemel. Étoiles filantes.
De
klokkenluider van Thassos
Het
Grieks Orthodoxe kerkje heeft een klokkentoren van circa drie
meter hoog. De klok wordt elke dag tweemaal geluid: eenmaal om
zeven uur 's ochtends en om zeven uur 's avonds opnieuw. Zo markeert
het klokgelui steeds het begin en het eind van een dag in het
dorpje Limenas.
Natuurlijk heeft ieder zichzelf respecterend dorp op dit eiland
zo'n zelfde witgekalkte kerk, met een soortgelijke klokkentoren.
Daarin onderscheidt Limenas zich niet van Aliki of Prinos. Op
het eerste gezicht lijken de dorpjes op dit eiland allemaal op
elkaar. Maar schijn bedriegt. Want de beiaardier van Limenas onderscheidt
zich van alle anderen door zijn opvallend gevoel voor ritme. Zoals
het klokje luidt in Limenas, zo luidt het nergens:

Vreemde
taal
Een
taal die totaal vreemd voor je is, biedt je de unieke gelegenheid
haar zuiver te horen als een klank, als muziek, als een akoestisch
fenomeen. Misschien valt je de intonatie op en meen je uit de
wisselende geluidssterkte op te kunnen maken wat erin verborgen
ligt, maar de muziek van de taal heeft de overhand. Zodra je echter
een taal leert verstaan, is het voorgoed voorbij. Dan zoek je
constant naar betekenis en is de muziek verloren.
De
beste schaduw
De
schaduw van de vijgenboom is de beste die er is. De boom maakt
met zijn grote bladeren een dichte parasol, gedragen door dikke,
grijze takken. Op het heetst van de dag is het goed toeven aan
de voet van de vijgenboom.
Een olijfboom is veel lichter. Duizend zonnestralen wurmen zich
tussen de kleine blaadjes en smalle ranke takken. De olijven aan
de takken krijgen zodoende allemaal voldoende licht om te rijpen.
Dat geldt ook voor degene die eronder zit. Een ideale boom voor
bleekneuzen die nog een beetje bruin willen worden.
©Yorien
van den Hombergh
2003
|