Nieuwe Schrijfsels - Nieuwsbrief

Nr 5 - okt 2003

Geschreven

Nieuws

Column

Beluisterd

 

 

Nieuws

 

 

Op de website:

  • Weer drie nieuwe bijdragen in de rubriek Kleine Observaties:

Lui

Hoedenplank

Achteruitkijken

In de maand september telde de site 153 bezoekjes.

In week 37 (da's de week van 8 september) kwam bezoeker nummer 1000 op de site sinds de lancering op 13 april jongstleden. In totaal telt de site nu ruim 1100 bezoeken.

Wil je iets aan me kwijt? Gebruik het contactformulier!

Help mee om mijn site in de top vijftig te houden. Klik op de stemknop op de homepage.

terug naar boven

Geschreven in september :

Mijn roman-in-spe is in een vergevorderd stadium. Onlangs heb ik me weer in een huisje opgesloten om geconcentreerd een week lang te schrijven. De verhaallijn is zo'n beetje af, maar ik ben het nu aan het herschrijven, want het is nog (lang) niet naar mijn zin.

Opperste concentratie tijdens het schrijven !

Nee, ik heb er nog geen uitgever voor. Ik schrijf het boek in de eerste plaats omdat ik het graag wil schrijven. Pas als ik denk: dat boek mag gelezen worden, dan ga ik proberen een uitgever te vinden. Dat is niet mijn favoriete bezigheid. Ik stel die fase dan ook graag nog een poosje uit. Tot die tijd blijft de inhoud min of meer geheim. Sorry.

 

terug naar boven

 

Beluisterd in september:

Seal IV - Seal
Seal IV
Seal

American Tune-Eva Cassidy
American Tune
Eva Cassidy


Seal IV - Seal

American Tune-Eva Cassidy



MUZIEK: Heard in the Scene-Heleen van den Hombergh

Column

Uitgelezen

Het was op de middelbare school. Ik denk dat het bij de les Latijn was, maar het kan ook Grieks geweest zijn. Daar leerde ik niet alleen Latijnse en Griekse woordjes, maar ook Nederlandse. Zo kwam Caesar opeens in een impasse. Een prachtig woord, dat ik daarna zelf nog vaak zou gebruiken. Of rozevingerig, een vondst van Homerus. Of was het nou rozenvingerig, met een n erin? Uilogige. Dat zeiden ze van Pallas Athene. Is niet echt in mijn woordenlijstje terechtgekomen. Maar toch. Je stak heel wat op.
Op een regenachtige dinsdagmiddag lag er weer eens een ondoorgrondelijke Latijnse (of Griekse) tekst voor ons op de bankjes. Natuurlijk ging het weer over veldtochten en oorlogen, met spartaanse toestanden. Het bloed vloeide rijkelijk. De leraar liet ons om de beurt zinnetjes vertalen, en we hakkelden maar wat. Het schoot niet op. Op een gegeven moment was zijn geduld op. Zijn zware stem galmde door het klaslokaal, terwijl wij verveeld wat poppetjes tekenden in de kantlijn.
'De veldheer stelde een groep uitgelezen soldaten samen,' declameerde hij.
Maaike stak haar vinger op. 'Uitgelezen soldaten? Hoe kan dat nou?'
Wij keken haar allemaal dankbaar aan. Ik had tot dan toe alleen nog maar boeken uitgelezen. En dat nog niet eens helemaal. Ik grossierde namelijk in samenvattingen.
Nu bleek je ook soldaten te kunnen uitlezen. Hoe je dat deed was mij een raadsel. Rare jongens, die Romeinen. Of Grieken, daar wil ik af wezen.
De leraar liep naar Maaikes bankje en boog zich voorover. Wij spitsten allemaal onze oren.
'Dat betekent uitgekozen, geselecteerd, bijzonder.'
Hij sprak zijn woorden overdreven hard uit, alsof Maaike en ook de rest van de klas stokdoof was.
Maaike schreef zwijgend iets in haar schrift.
De leraar richtte zich op en liep weer naar het bord.
'Het gaat hier om elite troepen,' zei hij over onze hoofden heen.
'Elite?' vroeg Hans spontaan.
'Ja, elite.' De leraar klonk boos. 'Jullie zijn elite. Jullie zitten op het gymnasium,' galmde hij. 'Dus jullie zijn de toekomstige elite van Nederland.Wanneer dringt dat nou eens tot jullie grijze hersencellen door?'
'Moeten we dan in het leger?' Hans weer. We gniffelden.
De leraar mopperde, keek weer in zijn boek en vertaalde verder. Ik schreef 'elite' in de kantlijn, met een groot vraagteken erbij.
Waarom wij elite zouden worden, heb ik nooit begrepen. Wij peuterden immers op dezelfde manier in onze neus als bijvoorbeeld Mavo-leerlingen. Wij lieten ons huiswerk net zo verkommeren als ieder ander. En we rommelden even vaak met jongens in het fietsenhok als alle meisjes van onze leeftijd. Dus wat daar nou zo elite aan was? Misschien dacht hij dat je later tijdens de vossenjacht uilogige vogels zou schieten of naar de lucht zou wijzen tijdens een partijtje golf en zou roepen: 'Kijk eens wat een rozevingerige dageraad vandaag!' Wie weet. Maar golfen heb ik nooit geleerd en de vossenjacht, daar ben ik tegen. Bovendien ben ik geen ochtendmens dus de dageraad is aan mij ook al niet besteed.

Die rottige tekst over die vage veldheer die op onze bankjes lag, hebben we tijdens de les nooit meer helemaal uitgelezen. Wat er nou eigenlijk van die uitgelezen soldaten geworden is, zullen we nooit weten. Ze zullen toch niet zijn gaan golfen?

 

 


İYorien van den Hombergh
28 september 2003

REAGEER !

terug naar boven

Odyssee - Homerus

Latijn: een eerste kennismaking / druk 1 - H. Pinkster

Prisma Latijn-Nederlands - H.H. Mallinckrodt